Tien tips voor emigratie naar Noorwegen

Hallo Erwin en Guusje,
leuk dat jullie naar Noorwegen willen emigreren. Jullie vragen ons om tips. Hier komen er tien:

1. Emigreren is “risico nemen”. Je moet je goed voorbereiden, maar toch zullen jullie gegarandeerd fouten maken, niks aan te doen. Je kunt je nooit perfekt voorbereiden op het wonen elders. Wees niet bang voor een minpuntje, een tegenvaller, een fout, een onverwachte kostenpost, of een zwaarmoedige bui. Houd je hoofd koel en bewapen jezelf, bijvoorbeeld met relativering en humor. Zorg ervoor dat je ALTIJD iets positiefs hebt om aan te denken en investeer in je relatie (steun elkaar door dik en dun). Tip 1 is dus: stick together and keep your spirits high.
Wij hebben bijvoorbeeld heel veel plezier van ons paard, en we houden van het buitenleven in Noorwegen (bergen, bossen, meertjes, wandel- en zwemmogelijkheden, stilte, enz). Het helpt als je van langlaufen, breien en detectives houdt…

2. Leer Noors.
Begin er zo vroeg mogelijk mee, zodat je vanaf dag 1 al wat kunt brabbelen. Dat kweekt goodwill.
Wij zijn al in Nederland met Noorse les begonnen, gewoon gratis via internet. Je vindt veel filmpjes op YouTube (zoek op “Learn Norwegian”). Zo leerden we nuttige zinnetjes als “hoeveel kost dat?” en maffe zinnetjes als “de walvis komt naar boven om te ademen”. Wij volgden de digitale beginnerscursus van de NTNU (de technische universiteit in Trondheim). Gewoon samen op de bank, elke dag een uur. Ook leerden we het Noorse verjaardags-lied zingen (Hurra for deg) met filmpjes op Youtube van zingende mensen op oubollige verjaardagen en met de tekst erbij.

3a. Vertrek pas naar Noorwegen als één van jullie er een baan heeft.
Voor het zoeken van werk zijn verschillende beginpunten. Ik vond mijn baan via een internationale vacaturelijst (ik wilde naar het buitenland, niet persé naar Noorwegen…). In Noorwegen zijn veel banen in de technische sector (olie, weg- en waterbouw, enz), die niet nationaal opgevuld kunnen worden en daarvoor zoeken ze internationaal (al zijn de advertenties vaak in het Noors). Het kan ook persoonlijker. Onze Nederlandse vriend Henk ging gedurende een vakantie bij allerlei bedrijven langs met zijn cv en vond zo zijn baan.
In Noorwegen is solliciteren lastig. Door de cultuurverschillen snappen we de codes niet altijd. Désiré heeft hier met sollicitaties geen goede ervaringen. Soms hoorde ze niks terug, of ze werd afgewezen op haar taalkennis (die supergoed is), of ineens was de vacature veranderd. De laatste keer kreeg ze een belachelijk aanbod (laag salaris en lage functie – met uitzondering van de personeelsfunctionaris begrepen alle Noren dat ze dat niet ging accepteren).

3b. Zoek een school voor de kids of een manege voor je paard. Praat er met de mensen. Keer er een keer terug, zodat je het niet alleen met mooi weer gezien hebt. Noorwegen is echt anders dan Nederland, andere zaken worden belangrijk gevonden. Dat merk je bijvoorbeeld aan het onderwijs, aan de omgang met dieren, enz. Het onderwijs is een soort “Iederwijs” (veel buiten spelen zonder leerdoel), en het paardrijden is gericht op koudbloed paarden (weinig bewegen). Pas als je 3a en 3b naar tevredenheid voor elkaar hebt, ga dan pas over tot concrete plannnen.

4. Bedenk iets waardoor je geregeld in contact MOET komen met Noren. Niet alleen via je werk, maar ook op andere manieren moet je contacten opdoen (vrijwilligerswerk, zangkoor, enz). Het sociale leven in Noorwegen komt niet vanzelf op gang, daar moet je veel in investeren (bijv flesjes drank uitdelen).
Wij hebben bijvoorbeeld dankzij ons paard Urando een grote variatie aan paardenmensen ontmoet. Ze werken bij de post, in het vluchtelingenwerk, in het onderwijs, in de olie. Door de gemeenschappelijke paardenhobby heb je een band en help je elkaar. Door deze contacten kunnen we bijvoorbeeld een paardentrailer lenen. Omgekeerd, nemen we paardenmuesli voor anderen mee als we naar Denemarken gaan.
Helaas hebben in het afgelopen jaar drie leuke vrouwen van onze leeftijd de manege verlaten, met hun paard (ivm ruzie met de eigenares van de manege). Momenteel wordt Urando omringd door paarden van puberende meisjes. Gelukkig hebben we aanspraak met enkele van hun moeders.

5. Neem de tijd voor het kopen van a) een huis en b) een auto.
a) Een huis huren: doe het tijdelijk, ter overbrugging totdat je een koophuis gevonden hebt. Je hebt in Noorwegen geen huurrecht. Indien je niet wilt/kunt kopen, loop je het risico regelmatig te moeten verhuizen.
b) Auto’s importeren is ongelooflijk duur in Noorwegen (wij betaalden 150% tax). Van een autohandelaar hier begrepen we, dat je van de Noorse autoriteiten ruim een jaar in je Nederlandse auto mag blijven rondrijden, al moet je wel elke drie maanden even naar Denemarken of Zweden gaan. Hoe het zit met de verzekering weten we niet. Achteraf hadden wij liever een auto in Noorwegen gekocht en de Nederlandse auto in Nederland verkocht (fouten maken hoort erbij, zie punt 1 hierboven).

6. Wees voorbereid op de Noorse bureaucratie (en bedenk: alle emigranten hebben het doorstaan, dus julie ook!)
De Noorse bureaucratie is wennen en alles draait om je fødselnummer (bsn-nummer dat is afgeleid van je geboortedatum). Verder zijn de regels onduidelijk. Een collega-immigrant raadde ons aan, om bij een afwijzing een half uur later terug te keren: als jouw zaak door een collega wordt behandeld, krijg je een andere beslissing!
Grappig is, dat allerlei persoonlijke informatie openbaar is. Zo kun je via het internet van alle inwoners opzoeken: geboortejaar, woonplaats en hun bruto jaarsalaris en bezit in het jaar 2009 (dus de belastinggegevens van vijf jaar terug). Je kunt hiervan gebruik maken bij salarisonderhandelingen. Overigens staat de Noorse transparantie ook toe, dat je bij personeelszaken het salaris van de collega’s in de zelfde functie mag opvragen.

7. Ga niet naar Noorwegen om rijk te worden.
Het leven is hier duurder dan in Nederland. Een Nederlands salaris moet je met anderhalf vermenigvuldigen om op een vergelijkbaar Noors salaris uit te komen. Ook schommelt de koers van de Noorse kroon nogal – hij daalt in waarde ten opzichte van de Euro. Dus alles wat je in Noorwegen spaart, verdampt. Denk ook niet, dat je kunt meegenieten van de geweldige Noorse pensioenen – daarvoor moet je gedurende 30 jaar in Noorwegen werken.
Wij schrikken hier nog steeds van de prijzen, bijvoorbeeld van de groente. Onze moestuin (tomaten, peultjes) hielp, en toen kenden we het moestuin-socialisme nog niet. Ook raapten we kilo’s appels voor ons paard bij een buurvrouw (in mijn beste Noors heb ik keurig toestemming gevraagd). En we zijn net terug van een tripje naar Nederland, waar we op de laatste dag voor de terugreis lekker “gewoon” gingen boodschappen: prei, sperzieboontjes, zuurkool, kaas, chocola, stroopwafels, enz. Daar kunnen we ruim twee weken mee voort en het voelde als een feestje: alles voor de helft van de prijs! Ook tankten  we de auto vol bij de laatste Deense benzinepomp.
Overigens, we hebben ook periodes dat we niet aan de kosten willen denken, dan negeren we de prijskaartjes. Kop in het zand – dat helpt ook (zie tip 1) !

8. Verhuis niet naar Noorwegen in de herfst.
De herfst in Noorwegen kan prachtig zijn, met verkleurende bossen, paddestoelen, enz. Ook de winter in Noorwegen kan prachtig zijn, vooral als je van kou, sneeuw en een diep-blauwe hemel houdt. Maar voor een eerste begin raden we het af: je arriveert dan in de periode dat de dagen alsmaar korter worden, het weer wordt natter en kouder en het wordt gladder op de wegen. Kom naar Noorwegen als de dagen langer worden, de natuur opbloeit en de Noren bij de eerste zonnestralen in maart al in korte broek of t-shirt gaan rondlopen. Jullie eerste periode in Noorwegen is dan een stuk vrolijker.

9. Maak de afweging of je bovenaan een berghelling wilt wonen of onderaan in het dal.
Wat weten wij platlanders van bergen? Het voordeel van bovenaan een berg wonen is dat je acht maanden van het jaar een prachtig uitzicht hebt. En veel licht om je heen. Het nadeel is dat je met ijzel en sneeuw te maken krijgt. Dan slippen auto’s en glijden mensen de berg af. En een huis met uitzicht op de zonsondergang is ook een huis pal op alle westerstormen.
Wij wonen aan een oprit met een 20% stijgingspercentage. We kunnen gelukkig de auto onderaan de oprit laten staan. We kregen ervaring met steile wegen door ons eerste Noorse huis aan een lange steile weg met een haarspeldbocht en op flinke afstand van winkels. Met sneeuw zaten we er opgesloten. Nu we in ons tweede huis zitten (gekocht), hebben we een toegangsweg die minder steil is en wonen we vlakbij een supermarktje.

10. Wees kritisch tijdens het lezen van de blogs van Nederlandse emigranten. Je leest bijvoorbeeld een vrolijke blog met kleurrijke foto’s van een gelukkige familie – alles koek en ei … en dan plotseling staat er de mededeling: we keren terug naar Nederland! En het volgende station is…. Gouda!
Ook wij beschrijven niet álles in onze Blog, met name de lullige ervaringen. We willen de negatieve ervaringen niet de overhand geven (zie punt 1), we willen niet zeuren of roddelen in het openbaar, en bovendien kunnen de personen waarover het gaat meelezen (via Google Translate). Ja, ja, we censureren onze blog dus. We vertrouwen erop dat mensen tussen de regels door kunnen lezen.
Collega-blogger Arie Bakker schreef zijn ergernissen over zijn leven in Noorwegen in zijn blog met pro’s en contra’s. Het kwam recht uit zijn hart en wij hadden het niet beter kunnen verwoorden.

Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s